donderdag, augustus 31, 2006

Thuiswerken mythes

1. Zo kan ik snel veel geld verdienen
Ondanks dat vele advertenties en internetsites over thuiswerken je beloven dat je snel veel geld kunt verdienen, moet je van me aannemen: het is gewoon niet waar. Als je je eigen bedrijf begint heb je tijd nodig om klanten te winnen. Als je voor een ander werkt moet je je afvragen: waarom doet hij het zelf niet als het inderdaad zo makkelijk en zo goed verdient? (met andere woorden: dat snel-geld aanbod is hoogstwaarschijnlijk oplichterij) Ga er van uit dat het zeker een jaar kan duren voordat je winst maakt.

2. Dan heb ik meer tijd voor mezelf, dan heb ik een makkelijker leven
Juist omdat je huis je werkplek is, is je werk nooit klaar. En aangezien je kinderen in datzelfde huis wonen, is dát werk ook nooit klaar. En van het huishouden weten we allemaal: dat werk is ook nooit klaar. Met andere woorden: je hebt zeker niet méér tijd voor jezelf. Tijd voor jezelf moet je zelf maken, zelf creëren.

3. Ik kan minder uren werken
Als je een eigen bedrijf hebt werk je sowieso al meer dan iemand die in loondienst werkt. Aan de ene kant komt dat omdat je, als het goed is, je werk ontzettend leuk vindt en het graag doet. Aan de andere kant komt er zoveel op je af (werk-rondom-het-werk zoals boekhouding, marketing, enzovoort) dat je ook meer moet werken dan je in eerste instantie dacht.

4. Eindelijk kan ik mijn huishouden op orde krijgen
Hoewel thuiswerken en huishouden makkelijker te combineren zijn dan buitenshuis werken en huishouden (je kunt bijvoorbeeld tussendoor even een wasje draaien of de wc een beurt geven) kan het ook een valkuil zijn. Het huishouden is nou eenmaal veel werk, en juist omdat jij en de kinderen meer thuis zijn dan wanneer je buitenshuis werkt, wordt het huis meer gebruikt en is er dus meer te doen. En als je alles keurig netjes en op rolletjes wilt hebben spendeer je uiteindelijk meer tijd aan het huishouden dan aan je werk. Als je succesvol wilt zijn in je werk, zul je je huishouden ergens laag op je prioriteitenlijstje moeten zetten. Neem nou maar genoegen met een stoffige vensterbank of ramen die eens per jaar gelapt worden...

5. Iedereen kan thuiswerken
Sommige mensen vinden het vreselijk dat ze steeds in dezelfde ruimte zijn, dezelfde ruimte waarin ze ook al wonen, slapen, eten en spelen. En er zijn mensen die graag collega?s om zich heen hebben en het thuis veel te eenzaam vinden - zeker als alle andere moeders in de straat wél buitenshuis werken. Dus: thuiswerken is niet voor iedereen de beste oplossing.

6. Geen schuldgevoel meer naar m?n kinderen
Inderdaad, je hoeft je kinderen niet meer vol schuldgevoel af te leveren bij de crèche. Maar soms kun je het zo druk hebben met je werk dat dat toch ten koste gaat van de kinderen - je zet ze bijvoorbeeld de hele dag voor de televisie of in het weekend gaan ze alleen met papa op stap: mama kan niet mee want die moet werken. Of je besluit om je kinderen toch naar de crèche te brengen, omdat je anders niet genoeg uren kunt draaien...

7. Ik kan m?n eigen uren indelen
Als je thuis werkt ben je over het algemeen veel flexibeler: je kunt ?s avonds werken, of ?s ochtends voordat de kinderen wakker zijn. Maar voor een gedeelte van je werk ben je toch afhankelijk van anderen (telefoontjes, klanten helpen, inkopen, enzovoort) en dat zul je dan overdag moeten doen.

8. Nooit meer kant-en-klare maaltijden
Als je nu buitenshuis werkt en je kind op de crèche zit is de kans groot dat je door tijdgebrek vaak naar kant-en-klare maaltijden grijpt of op z?n minst éénpansgerechten maakt. Als je thuis werkt lijkt het misschien of je meer tijd hebt uitgebreider te koken, maar net als met het huishouden geldt dat je op een gegeven moment je prioriteiten moet stellen. En dan blijkt dat je toch nog regelmatig naar een pizza grijpt of patat gaat halen.

9. De mensen om mij heen zullen het fantastisch vinden dat ik thuiswerk
Bereid je er maar op voor dat veel mensen je ?minder? zullen inschatten als je thuis gaat werken in plaats van buitenshuis. Thuiswerken staat nou eenmaal minder hoog op de maatschappelijke ranglijst dan buitenshuis werken. Veel mensen zullen denken dat je maar wat aanrommelt en dat je het maar makkelijk hebt - zie de andere mythes op deze pagina! Daarnaast kunnen er ook mensen in je omgeving zijn die je, om wat voor reden dan ook, niet steunen. Die blijven zeggen: ?Ach stop er toch mee, je gaat toch geen winst maken, het lukt je toch niet.? Wees daar op voorbereid en blijf geloven in jezelf zodat je jezelf kunt blijven motiveren!

10. Ik kan gewoon in m?n ouwe kloffie naar m?n werk
Als je de hele dag thuis zit maakt het inderdaad niet uit of je in je pyjama loopt of dat je een strak mantelpakje aan hebt. Maar zodra je door anderen gezien wordt - potentiële klanten - is het belangrijk er goed uit te zien. Als je de kinderen naar school brengt, als je boodschappen gaat doen, als je met de kinderen aan het wandelen bent... Als je er dan slonzig uitziet zullen mensen jouw product of dienst minder serieus nemen.

dinsdag, augustus 22, 2006

Thuiswerken

Katrien vindt thuiswerk dankzij een advertentie op het internet. Ze wordt betaald om telefoons op te nemen... zelfs als hij niet rinkelt.

Toen Katrien zo?n 3 jaar geleden wat krap bij kas zat, ging ze net zoals zo velen op zoek naar thuiswerk. Het beloofde een moeilijke zoektocht te worden. Ze wilde niet verkopen van thuis uit en tegelijk nog wat tijd vrijhouden voor haar kinderen.

Wat doe jij van thuiswerk?

"Ik beantwoord telefoons tussen zes en negen en op zaterdagochtend", legt Katrien snel uit. "Ik bedoel: ik krijg maandelijks een bepaald bedrag voor het geval de telefoon zou rinkelen.

Ik werk voor een IT-bedrijf en ze zochten iemand die stand-by kon zijn. Ik moet zelf niks doen hoor. Ik neem gewoon de boodschap op en verwittig vervolgens de juiste persoon. Eigenlijk ben ik gewoon een receptioniste."

Maar rinkelt die telefoon dan zo vaak?

Eigenlijk niet. Hooguit een paar keer per avond. Maar de klanten krijgen dan wel een persoon aan de telefoon en geen bandje. En ik kan onmiddellijk aktie ondernemen. Voor bedrijven kan het echt niet dat een server of de computers uitvallen."

Heb je dan een IT-opleiding?

"Absoluut niet", gaat Katrien verder. "Ik heb een lijst gekregen van vragen die ik moet stellen zodat ik weet wie ik daarna moet contacteren om het probleem op te lossen."

Moet je speciaal thuisblijven om te werken?

"Eigenlijk niet", legt Katrien uit, "'s avonds leg ik de kinderen in bed en zorg ik ervoor dat ik een aantal kleine dingen kan doen zodat ik altijd snel bij de telefoon kan. Ik kan mijn thuiswerk perfect combineren met mijn andere huishoudelijke taken."

Is deze vorm van thuiswerk een bijverdienste voor jou of zou je hiervan kunnen leven?

"Je moet dit echt als bijverdienste bekijken", legt Katrien uit, "je moet er rekening mee houden dat ik telefoons opneem. Als hij niet rinkelt dan mag ik TV kijken of mijn huishouden doen. Ik ontvang een faire vergoeding per maand. Maar ik zou er niet van kunnen leven. Toch ben ik meer dan tevreden met deze vorm van thuiswerk."

Wil je zelf ook telefoons opnemen en doorgeven? Weet je niet hoe je hieraan begint? Volg dan de tips uit de Thuiswerkgids, het handige doe-, denk en infoboek voor wie van thuis uit wil werken.

woensdag, augustus 16, 2006

Mobiliteitsplan of thuiswerken

We kijken 's morgens niet meer op als we een ellenlange lijst met ochtendfiles op de radio horen. Er moet al een ongeval gebeuren of een vrachtwagen kantelen voor we ons echt druk maken over de verkeerscongestie. Toch moeten bedrijven steeds meer rekening houden met de bereikbaarheid van hun gebouwen voor hun personeel.
DAARTOE stellen steeds meer ondernemingen een mobiliteitsplan op. Soms worden ze ertoe aangezet door het eigen personeel, in andere gevallen zijn het de omstandigheden of overheden die de bedrijven ertoe brengen. We schetsen de maatregelen die enkele bedrijven genomen hebben.

Henkel

Vanaf 1 mei gaat er een nieuw mobiliteitsplan in voor de zowat 200 medewerkers van Henkel in Brussel. Volgens de woordvoerder van het bedrijf, Stéphane De Schryver, beantwoordt Henkel met dat plan niet alleen aan een duidelijke wens van de directie en het comité voor preventie en bescherming op het werk, maar was er ook een behoefte bij het personeel. De werknemers zagen op tegen de ochtend- en avondfiles en soms zijn er moeilijkheden om parkeerplaats in de buurt van de gebouwen in Molenbeek te vinden.

Henkel heeft daarom zijn mobiliteitsplan uitgebouwd met vijf maatregelen. ,,Twee daarvan bestonden al'', legt De Schryver uit. ,,Zo hanteerden we al een flexibele uurregeling. Werknemers kunnen tussen 7 en 10 uur beginnen. En sinds 2003 betaalt Henkel alle kosten voor het openbaar vervoer tussen een Brussels station en het bedrijf terug.''

Bovenop die twee maatregelen komen er nog drie andere. Er worden enkele maatregelen genomen om het gebruik van tweewielers te stimuleren, alle kosten voor het openbaar vervoer worden helemaal terugbetaald en carpoolen wordt aangemoedigd. ,,Daarnaast hebben we nog een vierde maatregel onderzocht, maar die bleek niet uitvoerbaar'', zegt De Schryver. ,,We wilden de randparkings rond Brussel in kaart brengen en de verbindingen met het openbaar vervoer. Maar het aantal parkings is te beperkt om structureel te gebruiken.''

Het hele mobiliteitsplan heeft een financiële impact op het bedrijf, geeft De Schryver toe. ,,Je steekt er eerst en vooral tijd in. Maar daarnaast kosten de maatregelen ook geld. We rekenen voor het openbaar vervoer op duizend euro per werknemer per jaar. Verder zijn er ook enkele infrastructuurwerken: we huren parkeerplaatsen voor wie carpoolt en we laten douches en een sanitaire ruimte bouwen voor wie met de fiets of de motorfiets komt.''

Alcatel

Het mobiliteitsbeleid van het telecombedrijf Alcatel in Antwerpen steunt op twee pijlers, legt woordvoerder Kris Keymeulen uit. Sinds 2000 kunnen bedienden van het bedrijf van thuis uit werken. Het project is niet opgezet met de mobiliteitsproblematiek als eerste bekommernis, geeft Keymeulen toe. Het is opgestart om de personeelsleden bij Alcatel te houden in de boomende telecomsector. ,,Toen moest je iets extra's kunnen bieden.''

Vier jaar later, eind 2004, kan 60 procent van de 1.650 bedienden die in het hoofdgebouw van Alcatel op het Francis Wellesplein in Antwerpen werken, van thuis uit werken. Ongeveer een derde van hen gebruikt het systeem structureel, een of twee dagen per week. ,,De overigen maken er flexibel gebruik van, bijvoorbeeld om een à twee uur later op het werk aan te komen'', zegt Keymeulen.

Alcatel stelt elke thuiswerkende werknemer een laptop, gsm en breedbandverbinding ter beschikking. Dat vraagt inderdaad een investering, geeft Keymeulen toe. ,,Maar iedere bediende heeft sowieso een computer.'' En Alcatel wil evolueren naar een flexibele werkomgeving, waarbij de werknemers in functie van projecten gaan samenzitten.

Dat creëert de nood aan een gebouw dat aangepast kan worden aan die snel veranderende projecten en werkgroepen. Toen Alcatel vaststelde dat de huidige gebouwen aan het Wellesplein niet aan die nood kunnen beantwoorden, werd besloten een nieuw hoofdgebouw op te trekken. En bij de keuze van de vestigingsplaats van Alcatel bleek mobiliteit een belangrijk punt. Het telecombedrijf is volop bezig de verhuizing naar de kantoren op het Kievitplein voor te bereiden.

Eind 2004 hield Alcatel een enquête onder zijn personeel over het woon-werkverkeer. Daaruit bleek dat een heel aantal medewerkers bereid zou zijn de wagen te laten staan als het bedrijf naar het Kievitplein, achter het Centraal Station van Antwerpen, trekt. Keymeulen: ,,Vandaag komt 65 procent van ons personeel met de wagen werken. Op het Kievitplein zou dat nog 38 procent zijn.'' Het aantal werknemers dat met het openbaar vervoer komt, zou stijgen van 17 procent tot 48 procent en ook zouden veel meer mensen bereid zijn hun wagen achter te laten op een parking aan de rand van de stad. De betere bereikbaarheid van het Kievitplein is niet vreemd aan deze evolutie, geeft Keymeulen toe.

Welke maatregelen Alcatel verder nog zal nemen om het openbaar vervoer aan te moedigen, weet Keymeulen niet. Evenmin of het bedrijf zal bijdragen in de kosten van het openbaar vervoer. Over dit soort zaken wordt in een werkgroep druk gediscussieerd.
Bron: De Standaard